· 

KATTENOGEN

Katten jagen, in tegenstelling tot de hond, niet op geur maar op de registratie van snelle bewegingen en op gehoor. Behalve dat kattenogen prachtig zijn en erg tot onze verbeelding spreken zijn ze uitstekend ontworpen als hulpmiddel bij de jacht.

 

Doordat de ogen van een kat naar verhouding groot zijn hebben ze een groter blikveld dan de mens; namelijk 200 graden. Het oog is gevoelig voor beweging en licht. Ze kunnen kleine bewegingen waarnemen, ook aan de rand van hun blikveld, handig bij de jacht op knaagdieren. Daarnaast kan de kat zijn pupillen groot maken om in het schemer ieder beetje licht te kunnen opvangen. Ook bevindt zich achter het netvlies een reflecterende laag (het tapetum) dat het licht terugkaatst zodat ze er dubbel gebruik van elk beetje licht. Hierdoor kan een kat bijzonder goed zien in het donker en dat komt goed uit omdat katten schemerjagers zijn.

 

Kleurenblind

Daarentegen levert het kattenoog er ook wat voor in. De kat is vrijwel kleurenblind want ziet alleen blauw en geel, andere kleuren (rood en groen) worden in grijstinten weergegeven. Omdat er in de kattenhersenen minder zenuwen zijn om de kleuren te verwerken ziet de kat blauw en geel waziger dan wij doen. Ook kan een kat minder goed scherpstellen. Alles binnen een afstand van dertig cm ziet een kat wazig en na zes meter neemt de scherpte alweer af.